Let op! Deze gegevens zijn mogelijk niet meer actueel.

Voedseladditieven ('E-nummers')

Een voedseladditief is een stof die aan een voedingsmiddel wordt toegevoegd om bijvoorbeeld de houdbaarheid te vergroten, kleur te geven of de smaak te versterken. Suiker en zout zijn voorbeelden van natuurlijke voedseladditieven, maar er zijn ook kunstmatige (synthetische) additieven.

Chat met een verpleegkundige

Twijfels of u naar de dokter moet? Of hebt u een korte vraag over uw gezondheid? Chat direct met een verpleegkundige via de app van CZ.

  • Gezondheidsadvies via chat
  • Start een chat en stel meteen uw vraag
  • Stuur een foto mee van uw klacht
  • Uw gegevens zijn veilig en blijven vertrouwelijk
  • 7 dagen per week bereikbaar (ook ’s avonds)
  • Bekijk een overzicht van al uw gesprekken

Download app de verpleegkundige

E-nummers

Alle voedseladditieven die in de voedingsmiddelenindustrie in de Europese Unie gebruikt worden, moeten officieel eerst door de EFSA (Europese Voedselveiligheidsautoriteit) zijn goedgekeurd. Is een additief goedgekeurd, dan krijgt het een E-nummer. Een E-nummer geeft dus aan dat de overheid de stof gecontroleerd heeft en dat de stof veilig bevonden is. Ook is de Aanvaardbare Dagelijkse Inname (ADI) van deze stof vastgesteld. De ADI is de hoeveelheid die mensen dagelijks (gedurende hun gehele leven) via voeding binnen mogen krijgen, zonder dat dit gevolgen heeft voor hun gezondheid. Het is dus een garantie dat je er via de voeding niet teveel van binnenkrijgt.

Op het etiket van elk voedingsmiddel moet het E-nummer en/of de naam van de toevoeging en de groep waartoe het behoort, vermeld staan. In landen buiten de EU staat er geen E voor het nummer, maar de nummers komen meestal wel overeen met die in de EU. Het komt ook voor dat geen nummer, maar de naam van de stof vermeld wordt.

Op het etiket van een product hoeven alleen de additieven vermeld te worden die nog een functie in het eindproduct hebben. Als bijvoorbeeld in erwtensoep worst is verwerkt, hoeft het conserveermiddel dat in de worst is gebruikt niet vermeld te worden omdat dit geen effect heeft op de houdbaarheid van de totale soep. Men noemt dit het 'carry-over effect'.

Hoofdgroepen

Voedseladditieven worden in vier hoofdgroepen ingedeeld:
  • stoffen de houdbaarheid verlengen
  • stoffen die de structuur beïnvloeden
  • stoffen die het uiterlijk en de smaak beïnvloeden
  • overige stoffen, zoals rijs- en glansmiddelen, broodverbetermiddelen en anti-schuimmiddelen.
Sommige E-nummers hebben meer dan één functie en behoren daarom tot verschillende groepen. Wilt u weten welke E-nummers welke functie hebben, dan kunt u hier meer informatie vinden.

Houdbaarheid

Conserveringsmiddelen worden aan voedsel toegevoegd om de groei van bacteriën en gist- en schimmelvorming tegen te gaan. Andere stoffen, zoals anti-oxidantia, worden toegevoegd om bederf tegen te gaan. Zo zorgen anti-oxidantia ervoor dat voedsel waar vet in zit, niet ranzig wordt.

Structuur

Emulgatoren, stabilisatoren, verdikkingsmiddelen en stollingsmiddelen zijn toevoegingen die de structuur van een voedingsmiddel verbeteren. Deze stoffen veranderen de consistentie van het voedsel, met andere woorden: hoe het eten 'in de mond aanvoelt'. Lecithine, dat van nature in alle cellen van planten en dieren voorkomt, is een emulgator die aan margarine wordt toegevoegd zodat vet en water niet scheiden maar egaal gemengd blijven.

Uiterlijk en smaak

Het uiterlijk en de smaak van voedsel worden vaak verbeterd door toevoeging van kleur-, smaak- en zoetstoffen. Soms worden kunstmatige zoetstoffen zoals sacharine en aspartaam gebruikt in plaats van suiker.

Niet schadelijk

Het gebruik van voedseladditieven is aan strenge regels gebonden. Sommige mensen zijn echter overgevoelig voor bepaalde toevoegingen of kunnen een bepaalde toevoeging niet verwerken. Zo kunnen mensen met de stofwisselingsziekte PKU een stof in de zoetstof aspartaam (fenylalnine) niet omzetten. Zij kunnen aspartaam dus niet gebruiken.

Er zijn boeken en apps verkrijgbaar waarin voor (vrijwel alle) E-nummers gewaarschuwd wordt omdat deze schadelijk zouden zijn. De informatie is echter niet gebaseerd op betrouwbaar onderzoek. Een E-nummer geeft juist aan dat deze stof gecontroleerd en veilig bevonden is.

Overgevoeligheid

Er wordt wel eens gedacht dat bepaalde voedseladditieven hyperactiviteit bij kinderen kunnen veroorzaken. Uit onderzoek is gebleken dat dit maar zelden het geval is. Bovendien kunnen stoffen die van nature voorkomen, bijvoorbeeld in tomaten, ook dit effect hebben. Momenteel is onderzoek nog in volle gang.

Als u vermoedt dat u overgevoelig bent voor bepaalde voedseladditieven, dan kunt u beter niet op eigen houtje producten uit uw voeding weglaten. Een diëtist die deskundig is op dit gebied kan u hierover adviseren.

Bij het Voedingscentrum (www.voedingscentrum.nl) zijn merkartikelenlijsten aan te vragen met producten die vrij zijn van bepaalde additieven.

Over Medicinfo

Medicinfo biedt betrouwbare, actuele informatie over gezond zijn, gezond blijven - en wat u daar zelf aan kunt doen.