Let op! Deze gegevens zijn mogelijk niet meer actueel.

Tepelkloof en tepelfistel

Een tepelkloof (ook ragade of fissuur genoemd) is een pijnlijk scheurtje in de tepel of de tepelhof. Een tepelfistel is een abnormale doorgang tussen de melkgangen en de tepel.

Chat met een verpleegkundige

Twijfels of u naar de dokter moet? Of hebt u een korte vraag over uw gezondheid? Chat direct met een verpleegkundige via de app van CZ.

  • Gezondheidsadvies via chat
  • Start een chat en stel meteen uw vraag
  • Stuur een foto mee van uw klacht
  • Uw gegevens zijn veilig en blijven vertrouwelijk
  • 7 dagen per week bereikbaar (ook ’s avonds)
  • Bekijk een overzicht van al uw gesprekken

Download app de verpleegkundige

Oorzaken

Tepelkloven komen vrijwel alleen voor bij vrouwen die borstvoeding geven. Het verkeerd aanleggen van de baby is daarbij de belangrijkste oorzaak. Een droge, schrale huid kan het ontstaan van tepelkloven bevorderen.
Een tepelfistel kan ontstaan doordat zich in de borst afvalstoffen ophopen (zoals pus bij een borstontsteking of opgehoopte afgestorven cellen bij melkgangectasie) die zich via de tepel een weg naar buiten banen.

Verschijnselen

Tepelkloven zijn zichtbaar als scheurtjes in de huid van de tepel en/of de tepelhof. De kloven zijn pijnlijk, met name tijdens het voeden van de baby. Veel moeders vinden de pijn zo hevig dat zij stoppen met het geven van borstvoeding en overgaan op kunstvoeding.
Een tepelfistel leidt tot afscheiding van pus (bij een ontsteking) of een plakkerige, soms gekleurde vloesitof (bij melkgangectasie) uit de tepel. Dit is niet pijnlijk. Het kan een verlichtend gevoel geven omdat de druk in de borst minder wordt.

Diagnose

Tepelkloven en tepelfistels kunnen aan de hand van de verschijnselen en een lichamelijk onderzoek worden vastgesteld. Er is geen aanvullende diagnsotiek noodzakelijk.

Behandeling

Tepelkloven hoeven geen reden te zijn om te stoppen met borstvoeding. Het verbeteren van de aanlegtechniek bij het voeden en de juiste verzorging van de tepels zal de kloven binnen enkele dagen genezen. Gedurende deze tijd kan het voeden het best beginnen aan de niet pijnlijke borst. Is de melk eenmaal goed toegeschoten dan kan de baby uit de aangedane borst drinken.

Het toeschieten van de melk kan eventueel gestimuleerd worden door middel van een neusspray die het hormoon oxytocine bevat. Het beste is te voeden op vraag. Wanneer gevoedt wordt op vaste tijden kan de baby zo’n honger hebben dat hij extra hard aan de tepel zuigt. Laat de tepel na elke voeding goed drogen, het liefst aan de lucht.

Gebruik geen zoogkompressen want daarvan wordt de tepel weker en gevoeliger. Het gebruik van tepelzalven, tepelhoedjes en andere hulpmiddelen is onduidelijk. Een tepelfistel wordt operatief behandeld door sluiting van de fistel of verwijdering ervan samen met enkele van de melkgangen. Na een operatieve ingreep worden antibiotica voorgeschreven om infectie te voorkomen.

Prognose

Tepelkloven kunnen het beste voorkomen worden. Wanneer een vrouw van plan is haar kind zelf te voeden, is het raadzaam al tijdens de zwangerschap veel kennis te vergaren over de juiste aanlegtechnieken en verzorging van de tepel.

Meer informatie


Gezamelijke website van vier Nederlandse borstvoedingsorganisaties (NL)
www.borstvoeding.nl

Eekhof JAH, Knuistingh Neven A, Verheij ThJM. Kleine kwalen in de huisartspraktijk.
Reed Business Information, 2004.

Heineman et al. Obstetrie en Gynaecologie. De voortplanting van de mens.
Elsevier gezondheidszorg. Maarssen, 2002.

Cunningham, F. G, Gilshap, C. L, & Gant, N. F, et al. (2001), “The Puerperium”, in: Cunningham, F. G, Gilshap, C .L, & Gant, N. F, et al. (eds), William’s Obstetrics, 21st edition, McGraw-Hill, London.

Dirk, I. J. (1991), “The Breast”, in: Sabiston, D.C., (ed), Textbook of Surgery, 14th edition, W.B. Saunders Company, London.

Dixon, J. M, Thompson, A. M. (1991), “Effective surgical treatment for mammary duct fistula”, British Journal of Surgery, Oct., vol. 78, no. 10, pp. 1185-6.

Khoda, J., Lantsberg, L., Yegev, Y., & Sebbag, G. (1992 Oct), “Management of periareolar abscess and mamillary fistula, surgery”, Gynaecology & Obstetrics, vol. 175, no. 4, pp. 306-8.

Mc Cue, F., Svenson, W. & Lynn, F., (1997), “Benign Disease of the Breast”, in: Shaw, R.W., Soutter, W.P., & Stanton, S.L., (eds), Gynaecology, 2nd edition, Churchill Livingstone, London.

Odom, R.B., James, W.D., Berger, T.G., (2000), “Cutaneous symptoms and signs of diagnosis”, in: Odom, R.B., James, W.D., Berger, T.G., Andrews’ Diseases of the skin, 9th, edition, W.B.Saunders, London.

Pilnik S. Common breast lesions. A photographic guide to diagnosis and treatment.
Cambridge university press, Cambridge, 2003.

Over Medicinfo

Medicinfo biedt betrouwbare, actuele informatie over gezond zijn, gezond blijven - en wat u daar zelf aan kunt doen.